|
Nieuwsberichten1 augustus 2008
VWS heeft aanbevelingen RVZ-advies over EPD overgenomen
Op 1 juni jl. trad de wet Burgerservicenummer in de zorg in werking. Vier dagen daarvoor diende de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) bij de Tweede Kamer het wetsvoorstel voor invoering van het Elektronisch Patiëntendossier (Kaderwet elektronische zorginformatie-uitwisseling) in. Met de verdere uitbreiding van proefprojecten voor het uitwisselen van huisartswaarneemgegevens en van medicatiegegevens op 1 september a.s. komt het moment dichterbij dat het doel van het elektronisch patiëntendossier wordt bereikt. Het gaat er immers om de patiëntveiligheid te verbeteren en de elk jaar voorkomende duizenden vermijdbare ziekenhuisopnames en zelfs doden als gevolg van medicatiefouten te vermijden.
De Raad voor de Volksgezondheid en Zorg (RVZ) adviseerde de minister van VWS bijna vier jaar geleden over standaardisering van het Elektronisch Patiënten Dossier (Standaardisering Elektronisch Patiënten Dossier, 17 februari 2005). In dit advies waarschuwde de RVZ voor versnippering van patiëntgegevens: gegevens over één patiënt dreigen op veel plaatsen te worden vastgelegd zonder dat de bij een behandeling betrokken zorgverlener daarvan op de hoogte is, met alle risico’s van dien. Om die reden pleitte de RVZ voor een landelijke, patiëntgerichte EPD-infrastructuur. Daarmee zou ook worden vermeden dat verschillende technische concepten zouden worden gebruikt met lokale standaarden, waardoor de regionale systemen niet koppelbaar zouden zijn en uiteindelijk ook niet geschikt zouden zijn voor volksgezondheidsdoeleinden.
De RVZ drong er in zijn advies op aan de noodzakelijke standaarden voor te schrijven en vast te leggen. Concreet stelde de RVZ voor om aan geautomatiseerde informatiesystemen die in de Nederlandse zorgsector voor de vastlegging van patiëntgegevens worden gebruikt, de eis te stellen dat zij moeten voldoen aan de EN 13606 standaard die berust op het gegevensmodel HL7 versie 3.
Op 26 juni 2007 liet minister Klink de Tweede Kamer weten dat de Europese normcommissie CEN deel één van de norm voor communicatie ten behoeve van het Elektronisch Patiëntendossier, EN 13606, had uitgebracht. De minister sprak de verwachting uit dat de overige vier delen van deze norm niet al te lang op zich zouden laten wachten. Bij de vormgeving van de landelijke infrastructuur in Nederland is – zo werd de Tweede Kamer meegedeeld – gekozen voor de internationale norm voor berichtuitwisseling HL7 versie 3. In maart 2007 was Nederland een van de medeoprichters van de International Health Terminology Standards Development Organisation, die zich toelegt op de verdere ontwikkeling en verspreiding van klinische terminologieën, een belangrijk onderdeel van een EPD. Het gebruik van uniforme taal in de elektronische uitwisseling van medische gegevens tussen zorgverleners vermindert de administratieve lasten binnen zorginstellingen en verkleint de kans op medische fouten.
mr. Henk Bosma Lid van de Raad voor de Volksgezondheid en Zorg
Gekoppelde adviezen:
Standaardisering Elektronisch Patiëntendossier
|