Raad bepleit standaardisatie patiëntgegevens Zoetermeer, 21 februari 2005 - De Raad voor de Volksgezondheid en Zorg (RVZ) wil dat snel een landelijk elektronisch patiëntendossier (EPD) wordt ingevoerd. Het Ministerie heeft hiertoe al stappen gezet. De RVZ vindt dat de invoering kan worden versneld door wettelijk voor te schrijven dat bij elektronische gegevensuitwisseling in de zorg bepaalde standaarden worden gebruikt. Zonder wettelijke verplichting duurt het te lang voordat het EPD – noodzakelijk voor goede zorg – er komt. Dit schrijft de Raad in een advies dat hij op 17 februari 2005 aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, drs. J.F. Hoogervorst stuurde. Het is in het belang van de patiënt dat degenen die bij zijn behandeling betrokken zijn of worden, kunnen beschikken over de gegevens die voor die behandeling relevant zijn. Helaas is dit niet altijd zo. Dit leidt tot fouten, daarmee tot onnodige ziekenhuisopnamen en helaas soms zelfs tot voortijdig overlijden. Uit onderzoek is gebleken dat jaarlijks ca. 1,3 miljoen fouten worden gemaakt bij overdracht van patiënten. Dit kost zo’n 1,4 miljard euro per jaar. Het gaat dan om verkeerde medicatie, verkeerd opereren en verkeerd of zelfs niet behandelen. Oorzaak: het ontbreken van informatie door het niet goed bijhouden of het niet kunnen inkijken van het medisch dossier van de patiënt. Dit aantal kan sterk worden verminderd door het gebruik van een EPD. Adequate gegevensuitwisseling is dus noodzakelijk om kwalitatief goede zorg te kunnen verlenen en fouten in de zorg te voorkomen. Daarvoor is het noodzakelijk dat artsen en andere zorgverleners een landelijk EPD gebruiken, uiteraard met behoud van de privacy en zeggenschap van de patiënt. Een landelijk EPD kan alleen werken wanneer iedereen bepaalde technische standaarden toepast. De Raad voor de Volksgezondheid en Zorg adviseert de Minister om de Europese standaard voor het EPD wettelijk voor te schrijven. Dat geeft duidelijkheid. Leveranciers van informatiesystemen weten dan wat de basis van hun systeem moet zijn om met de systemen van de concurrent te kunnen communiceren. In eerste instantie gaat het om standaarden die bepalen hoe de informatiestructuur moet zijn vorm gegeven. In een volgende fase moet de Minister ook standaarden voor de inhoud van de bestanden (semantiek) vaststellen. De Raad vindt dat de Europese standaard voor het patiëntendossier wettelijk verplicht moet zijn voor geautomatiseerde informatiesystemen die patiëntgegevens vastleggen. Goede patiëntenzorg vereist dat. Bij digitale uitwisseling van patiëntgegevens, zou die Europese standaard vanaf 1 januari 2006 moeten gelden voor vanaf die datum te implementeren systemen. Voor reeds geïmplementeerde informatiesystemen moet deze verplichting per 1 januari 2010 te gelden. De Raad stelt voor de wettelijke verplichting te koppelen aan de Wet tarieven gezondheidszorg.
|